Wat voor kunstwerk zoekt u?
Louise
Louise
Louise
👋 Hallo! Ik ben Louise. Wat voor schilderij zoek je ? Wilt u iets verkopen, zoek dan direct contact met ons.
Koeien in de wei...Golven tegen rotsen...Kleurrijk expressionistisch...
Bericht sturen betekent akkoord met ons privacybeleid.
Willem Hussem – Een streven naar eenvoudWillem Hussem – Een streven naar eenvoud

Willem Hussem – Een streven naar eenvoud

Robert Didden22 uur geleden

Hussem maakte zijn beste werken in de jaren ’60 van de vorige eeuw. In zijn fraaie monografie uit 1994 selecteerde Han Steenbruggen vooral schilderijen die zijn gemaakt tussen 1960 en 1965. Het zijn niet zelden grote doeken waarin expressie en ordening samengaan en er als het ware ruimte ontstaat door de combinatie van vormen, kleuren en lijnen op een plat vlak. Het schilderij uit 1963 dat onlangs is opgenomen in de collectie van Bruning & Heintz stamt uit deze relatief korte periode. Hussem maakte dit werk toen hij de 60 al was gepasseerd. Zijn werk kwam in de jaren ’60 volledig tot wasdom. Aanzijn zoon Frank vertelde hij dat hij nu eindelijk wist wat hij met verf kon doen en dat hij nog 10 jaar tijd had om mooie doeken te maken. Hij bleek een laatbloeier, een leven lang strevend naar eenvoud:
Ik heb er een leven aan gewerkt om mijn werk zo eenvoudig mogelijk te krijgen. Die eenvoud moet ik elke keer opnieuw op mijzelf veroveren.
Hussems schilderijen zijn al vaak getypeerd en geanalyseerd. In een documentaire uit 1994 beschreef Jan Cremer, die evenals Hussem vaak in de Posthoorn kwam, zijn schilderijen als mannelijk en stoer. Ze ademen vitaliteit. Hussem was niet alleen een stevige kerel, maar ook robuust in geest. Collega-schilders Gerard Verdijk en Peter Struycken kwamen vaak in zijn atelier en hebben hem nooit in een vervelend humeur aangetroffen. Cremer valt hen bij. Aan de stamtafel in De Posthoorn vonden levendige discussies plaats. Hussem had weliswaar altijd een duidelijke mening, maar was nooit overheersend of negatief. De schilderijen pasten goed bij Hussem door de weerspannigheid van de olieverf, de wat grovere jute en de relatief grote formaten. Het schilderen zal hem veel fysieke inspanning gekost hebben. In de documentaire vertelden vakgenoten dat wanneer ze op zijn atelier waren zij er getuige van waren dat Hussem soms schilderde als de doeken op de grond lagen. Met de gast bediscussieerde hij dan of er aanpassingen nodig waren.
Vaak liet Hussem zijn schilderijen omlijsten met dunne aluminium strips, die werden vervaardigd door een kunstliefhebber die ook in de Posthoorn kwam. Die strips waren uit één stuk om het doek heen gebogen. Hierdoor kon de suggestie worden gewekt dat het doek vrij in de ruimte hing en dat de vormen en lijnen zich voortzetten buiten het kader. Dat is ook te zien op het schilderij in de collectie van Bruning & Heintz. Dit schilderij is eveneens op jute geschilderd, zoals een foto op de website laat zien.
Hussem bouwde zijn schilderijen intuïtief op en plaatste afzonderlijke beeldelementen om evenwicht te realiseren. Stapsgewijs lokte het ene beeldelement het andere uit. Elke actie of veeg was van invloed op een andere. Hussem vatte dit proces in 1966 als volgt samen:
Alles is in elkaar verweven. Het ene bestaat dankzij het andere.
Wie naar Hussems schilderijen uit deze periode kijkt, kan zich haast niet voorstellen dat hij in de jaren ’20 en ’30 vrij traditionele en impressionistische schilderijen maakte. In de catalogus van maart 2026 van NRC-veilingen is een voorbeeld van zo’n werk opgenomen (zie foto).
Willem Hussem: lampionplant in een vaas
Willem Hussem: lampionplant in een vaas
Tot 1936 verbleef Hussem in Frankrijk, totdat hij zich samen met zijn vrouw Anna en hun zoon Frank in 1936 voorgoed vestigde in Nederland. Zijn keuze viel op Den Haag vanwege haar culturele rijkdom. De stad had toen veel galeries en kunsthandels en er was veel (inter)nationale kunst te zien. Niet in de laatste plaats was er een trefpunt van schrijvers en dichters als Vestdijk, Bloem en Campert. Hussem was een dubbeltalent, die ook gedichten publiceerde. In dit gedicht uit 1961, met als titel ‘Zet het blauw’, komt datgene wat hij wilde uitdrukken met zijn schilderijen krachtig naar voren:
Zet het blauw
van de zee
tegen het
blauw van de
hemel veeg
er het wit
van een zeil
in en de
wind steekt op
Tijdens de bezetting wisselde Hussem traditionele werken steeds vaker af met werken in een abstract of geabstraheerd idioom. Hij begon met kalligrafische tekens en inktschilderijen. Het zijn geen dragers van betekenis maar vrije abstracties. Na de oorlog zou abstractie en expressionisme verbonden worden aan de herwonnen vrijheid. Den Haag werd de stad van de abstracten. Hussem, Willy Boers, Jan Roëde en Jaap Nanninga waren voorlopers van deze nieuwe kunstvorm. Wat hen verbond waren niet zozeer bepaalde regels maar het gevoel van vrijheid dat in een werk diende te zitten, aldus Roëde. Hussem bevrijdde zich van vooropgezette vormen of voorstellingen. Dat valt ook op te maken uit het feit dat zijn schilderijen geen titel hebben. Zijn nieuw verworven vaardigheden en inzichten paste hij gaandeweg toe bij abstracte schilderijen in olieverf.
Maar Hussems schilderkunst werd in die tijd door weinigen begrepen. Alleen van zijn vakgenoten kreeg hij lof. Tot drie keer toe werd hem in de jaren ’50 de Jacob Marisprijs toegekend. De Jacob Marisstichting, opgericht in 1948, was een gemeentelijke instelling die tot doel had de Haagse beeldende kunst te stimuleren en dichter bij het publiek te brengen. Tussen 1949 en 1969 werden jaarlijks prijzen toegekend naar aanleiding waarvan verkoopexposities werden georganiseerd. Dit was een meer dan welkome ontwikkeling, omdat de financiële situatie voor de meeste kunstenaars nijpend was. In 1952 krijgt hij de eerste prijs voor de schilderkunst, die hij deelde met Rein Draaijer. Naar aanleiding van de toekenning van deze prijs voor zijn doek getiteld ‘Dans’ werden Kamervragen gesteld en volgde een stroom van ingezonden brieven van krantenlezers. Dat abstracte werken tot veel misverstanden leidden, bleek een jaar later toen een schilderij ondersteboven bleek geëxposeerd! In 1955 ontving hij nogmaals deze prijs, die hij deelde met Co Westerik. Dat Hussems kunst toentertijd op veel onbegrip stuitte, bleek wel uit de rel die ontstond na de toekenning van de prijs voor tekenkunst in 1958. Recensenten spraken van een ‘triomf van het lelijke’ en boze jonge kunstenaars deelden in de buurt van de Posthoorn zogenaamde ‘Hussem tekeningen’ uit die ze razendsnel in elkaar flansten (zie foto).
Studenten delen Hussemtekeningen uit, het Vaderland, 16 augustus 1958
Studenten delen Hussemtekeningen uit, het Vaderland, 16 augustus 1958
Gaandeweg werd Hussems talent steeds meer erkend. Vanaf 1960 kreeg hij steeds meer opdrachten, hetgeen ook in financieel opzicht een bevrijding voor hem was. Hij en zijn gezin leefden in betrekkelijke eenvoud en hadden het tot dan toe niet breed. Ook kreeg hij zijn eerste grote overzichtstentoonstelling in het Haags Gemeentemuseum. In datzelfde jaar vertegenwoordigde hij Nederland op de Biënnale in Venetië. En begon het decennium waarin hij zijn hoogtijdagen beleefde als schilder.
Bronnen
Augustijn, Henk (1994). Een teken van leven, Deel 1 schilderijen. Documentaire, in opdracht van Belvédère museum.
Gras, Saskia (2025). Nieuwe Haagse School. Bovenal vrij (1945 – 1975). WBooks.
Rijnja, Edith (2018). Nalatenschap van wereldniveau. DürstBrittMayhew.com.
Steenbruggen, Han (2011). Willem Hussem – Vormen van ruimte. Museum Belvédère.
Steenbruggen, Han (2018). Willem Hussem verhult niet, maar laat zien. Collect.

Tags


Aanbevolen kunststof